Met werkende koplampen! Replica van een Gmeinder veldspoorlocomotief 15/18 PS met open cabine. Asvolgorde B. lengte: ca. 35 mm.
Diesellocomotief Gmeinder 15/18 De werkspoorloc komt overeen met een type dat volgens dit bouwprincipe werd gemaakt door het Badische bedrijf Gmeinder vanaf het midden van de jaren twintig. De locomotief werd in grote aantallen gemaakt tot in de jaren vijftig, en was zo robuust dat er zelfs tegenwoordig nog her en der gebruik van wordt gemaakt. Het origineel van de werkspoorlocomotief werd gemarkeerd met "Gmeinder 15/18" naar het vermogen in pk's (15 pk continu en 18 pk kortstondig) en werd aangedreven door een dieselmotor met drie versnellingen en kettingaandrijving. De maximumsnelheid was 12 km/uur. De spoorbreedte bedraagt 600 mm.
De locomotiefmodellen zijn verkrijgbaar met open en gesloten cabine, zoals ook het geval was bij het origineel. De kleine locomotieven worden aangedreven door een 3V-microprecisiemotor met transmissieondersteuning voor langzaam transport en grote trekkracht, overeenkomstig het origineel. Door een ingebouwde magneet wordt de druk van de locomotief op de metaalbevattende smalspoorrails vergroot wat zorgt voor een betrouwbare stroomopname van de rails en voor schokvrij langzaam transport. De locomotieven hebben aan de achterkant van de cabine een koppelingtap voor realistische treinvorming, en een magneetkoppeling voor lorries en wagons uit het mijnspoor-assortiment van Busch. Zoals bij het origineel kan ook bij deze werkspoorloc gebruik worden gemaakt van een uiterst kleine spoorradius (tot 100 mm). De compacte constructie en de geringe benodigde ruimte maken toepassing mogelijk in diorama's en als aanvulling op reeds bestaande modelspoorbanen.
Omschrijving
Met werkende koplampen! Replica van een Gmeinder veldspoorlocomotief 15/18 PS met open cabine. Asvolgorde B. lengte: ca. 35 mm.
Diesellocomotief Gmeinder 15/18 De werkspoorloc komt overeen met een type dat volgens dit bouwprincipe werd gemaakt door het Badische bedrijf Gmeinder vanaf het midden van de jaren twintig. De locomotief werd in grote aantallen gemaakt tot in de jaren vijftig, en was zo robuust dat er zelfs tegenwoordig nog her en der gebruik van wordt gemaakt. Het origineel van de werkspoorlocomotief werd gemarkeerd met "Gmeinder 15/18" naar het vermogen in pk's (15 pk continu en 18 pk kortstondig) en werd aangedreven door een dieselmotor met drie versnellingen en kettingaandrijving. De maximumsnelheid was 12 km/uur. De spoorbreedte bedraagt 600 mm.
De locomotiefmodellen zijn verkrijgbaar met open en gesloten cabine, zoals ook het geval was bij het origineel. De kleine locomotieven worden aangedreven door een 3V-microprecisiemotor met transmissieondersteuning voor langzaam transport en grote trekkracht, overeenkomstig het origineel. Door een ingebouwde magneet wordt de druk van de locomotief op de metaalbevattende smalspoorrails vergroot wat zorgt voor een betrouwbare stroomopname van de rails en voor schokvrij langzaam transport. De locomotieven hebben aan de achterkant van de cabine een koppelingtap voor realistische treinvorming, en een magneetkoppeling voor lorries en wagons uit het mijnspoor-assortiment van Busch. Zoals bij het origineel kan ook bij deze werkspoorloc gebruik worden gemaakt van een uiterst kleine spoorradius (tot 100 mm). De compacte constructie en de geringe benodigde ruimte maken toepassing mogelijk in diorama's en als aanvulling op reeds bestaande modelspoorbanen.