JavaScript is niet actief in uw browser. Hierdoor mist u handige zaken, zoals onze uitgebreide zoekfunctie en reviews.
{{#unless user.loggedIn}} {{#xif " digitalData.page.category.pageType !== 'checkout_confirmation' " }}
{{/xif}} {{/unless}}
header.png

Lasdoppen of lasklemmen?

Werken met lasklemmen en lasdoppen; het zijn twee verschillende technieken met dezelfde uitkomst: het maken van een goede lasverbinding om betrouwbaar elektriciteit te geleiden. De lasklem maakt tegenwoordig in verschillende uitvoeringen zijn opmars. Dit terwijl de ‘ouderwetse’ lasdop van vroeger nog een grote schare fans heeft. Beide verbindingen hebben voor- en nadelen. In dit artikel lees je de belangrijkste.

innoman.png

1. Lasklemmen

Een lasklem is een snelle en eenvoudige manier om twee of meer draden aan elkaar te lassen. De eenvoud van de lasklem zorgt dat eigenlijk iedereen er mee kan werken. De gestripte elektriciteitsdraad wordt simpelweg in de klem gestoken en maakt hier contact met de andere ingeklemde draden, waardoor een verbinding tot stand komt.

Het is hier wel belangrijk om de draad voldoende ver te strippen (ca. 12mm) en de draad goed in de klem te steken. De meeste klemmen zijn transparant, waardoor de lasverbinding snel optisch te controleren is. Verder is het belangrijk om een gebruikte klem niet nog eens te gebruiken. De kans is namelijk groot dat de lasverbinding bij herhaald gebruik niet meer
betrouwbaar is, waardoor de kans op storingen en/of uitval toeneemt.

Lasklemmen zijn er in verschillende soorten en maten. Natuurlijk speelt het aantal polen een belang. Met een 2-polige klem kun je enkel een draad doorverbinden. Met een 3-polige klem kun je bijvoorbeeld ook een draad splitten om zo bijvoorbeeld meerdere schakelmaterialen aan te sluiten.

Een variant op de normale lasklem is de hersluitbare klem van WAGO (namelijk de WAGO 222 en – sinds kort – ook de WAGO 221). Deze klemmen zijn via een lipje eenvoudig te openen en te sluiten, wat ook zorgt dat ze vaker te gebruiken zijn. Dit type is duurder, maar werkt - zeker bij veelvuldig gebruik - veel sneller dan de reguliere uitvoering.

Bekijk hier het aanbod lasklemmen

2. Lasdoppen

De lasdop is in zekere zin de voorloper van de eerder genoemde lasklem. Maar het gaat te ver om te zeggen dat de lasdop door de techniek is ingehaald. De lasdop heeft namelijk zeker nog toegevoegde waarde. Het grootste voordeel is de betrouwbaarheid. Waar de las bij een klem niet direct via de elektradraad loopt (maar via het binnenwerk van de klem), is dit bij een lasdop deels wel zo. De gestripte draad (ca. 4cm) dient bij een dop namelijk in elkaar gedraaid te worden, om er vervolgens de lasdop klemvast op te draaien.

Bij een tijdelijke piekbelasting zal een goede lasverbinding veel  duurzamer en beter zijn. Natuurlijk heeft deze techniek ook nadelen. Een lasverbinding kost meer tijd om te maken en is – zeker als je dit niet  vaak doet – veel foutgevoeliger dan een lasklem.

Bekijk hier het aanbod lasdoppen

 

3. Lasklemmen of kroonsteentjes?

Niet iedereen is bekend met lasklemmen, maar vrijwel iedereen kent de kroonsteentjes wel. Wat is nu beter: lasklemmen of kroonsteentjes? In de meeste gevallen is een lasklem de beste keuze. Er zijn echter ook gevallen waar een kroonsteentje prima te gebruiken is.

Ga je een soepele draad (met meerdere losse draadjes) van bijvoorbeeld een lamp aan een andere draad verbinden? Dan is een kroonsteentje hiervoor wel geschikt. Een
lasklem is in de meeste gevallen namelijk niet zonder meer geschikt voor soepele draad (op de WAGO 222 en WAGO 221 na, die zijn ook geschikt voor soepele draad).

Let wel op: wanneer je soepele draad in een kroonsteentje klemt, dan bestaat de kans dat deze draad gaat rafelen. Een rafelende draad wordt dunner, waardoor er meer stroom (en dus hitte) door de overgebleven draden loopt, met een potentieel brandgevaar. Wil je dit voorkomen, dan zul je een adereindhuls over de soepele draad moeten knijpen. Je creëert hierdoor als het ware een betrouwbare (stugge) draad.

Wil je elektradraad (VD-draad) met elkaar verbinden of ga je aftakkingen maken om een extra stopcontact aan te sluiten? Dan kies je eigenlijk altijd voor de lasklem. De polen van een lasklem zijn intern namelijk met elkaar verbonden. Je kunt dus vrij eenvoudig twee of meer draden op elkaar aansluiten. Bij een kroonsteentje kan dit niet op een veilige manier. Meerdere draden onder één schroef is namelijk zeker niet aan te raden.

Bekijk hier het aanbod lasklemmen

Bekijk hier het aanbod kroonstenen

afb_03.jpg

4. Conclusie: lasdoppen of lasklemmen?

De keuze voor een lasdop of lasklem is afhankelijk van de situatie. Wanneer je thuis af en toe werkt met elektra, dan zal een steekbare klem in veel gevallen de beste en meest eenvoudige keus zijn. Speelt betrouwbaarheid een grotere rol dan gemak, bijvoorbeeld voor bedrijfsmatige toepassingen of zware belastingen, dan biedt een lasdop uitkomst.

Goed beoordeelde producten